Alle honden worden geknipt volgens de rasstandaard, maar een ander model kan natuurlijk ook. Als u een afspraak maakt voor uw viervoeter dan wordt bij binnenkomst gekeken naar de conditie van de vacht en naar de mogelijkheden. Ik bespreek met u wat u graag wilt en kan u eventueel voorbeelden laten zien van verschillende modellen aan de hand van foto’s.
Voor de trimbeurt wordt uw hond eerst voorbewerkt; dit houdt in dat de voetzolen worden vrij geknipt, de nagels worden geknipt, de geslachtsdelen en liezen worden vrij geschoren, de haren uit de oren worden verwijderd en de ooghoeken worden vrij geknipt.
Er zijn verschillende technieken die toegepast kunnen worden in de trimsalon:
Wassen
De hond word gewassen met een speciale shampoo die voor die vacht van toepassing is. Tijdens het wassen worden de oren schoongemaakt en worden de anaalklieren eventueel leeggedrukt. Na het wassen wordt de hond zoveel mogelijk gedroogd met een waterblazer die het water van de vacht blaast. Hierna wordt met föhnen en borstelen tegelijk de vacht helemaal droog, klitvrij en glad gemaakt.
Ontklitten
De klitten worden door middel van o.a. borstelen en kammen uit de vacht verwijderd.
Uitwollen
Wanneer een stokharige hond in de rui is kunt u een afspraak maken voor hem te laten uitwollen. Met verschillende materialen, wassen en föhnen kun je de hond de ruiperiode doorhelpen. Vaak wordt deze vacht geëffileerd en netjes in model gebracht.
Honden met stokhaar zijn bv: Golden Retriever, Labrador, Herdershonden.
Scheren
Voor het scheren van uw hond wordt een tondeuse gebruikt met verwisselbare scheerkop. Er kan gekozen worden uit verschillende haarlengtes van 1 t/m 25mm.
Knippen
De vachtsoort die geknipt dient te worden, heet kroeshaar. Deze vachtsoort bestaat alleen uit (onder)wol en kan erg lang worden. Kroeshaar moet regelmatig geknipt worden met een rechte schaar of geschoren worden. Dit is de enigste vachtsoort waarbij scheren of knippen geen schadelijke gevolgen heeft voor vacht of huid.
Honden met kroeshaar zijn bv: Poedel, Bichon Frisé, Kerry Blue Terriër.
Inkorten
Honden met lang haar kunnen tot gewenste lengte worden ingekort met behulp van effileren en/of scheren. Voorbeelden zijn: Shih Tzu, Maltezer.
Effileren
Honden met langhaar en weinig onderwol hebben een vachttype waar altijd wel dode haren in de vacht blijven zitten en hij iedere 2 a 3 maanden een wat uitgebreidere trimbeurt kan gebruiken. Door middel van plukken en effileren met de effileerschaar wordt de vacht uitgedund om een zo glad mogelijk resultaat te krijgen.
Honden met langhaar met weinig onderwol zijn bv: Cocker Spaniël, Ierse Setter, Drente Patrijshond.
Plukken
Bij honden met een ruwharige vacht ruit iedere zes maanden het dekhaar. Het loszittende haar wordt met de hand geplukt. Dit kan alleen toegepast worden als de vacht plukrijp is. Een ruwharige vacht met een schaar of tondeuse behandelen levert een enorme structuurverandering van de vacht op. De dode haren blijven op deze manier in de huid zitten, waardoor deze haren geen voeding meer krijgen. Het haar wordt sneller vies en vetter, grijs/grauw en de hond kan huidproblemen krijgen.
Honden met ruwhaar zijn bv: Cairn Terriër, Bouvier, Fox Terriër, Schnauzer.
